1. De graszoden achter elkaar uitrollen. Begin in de verste hoek, zodat je niet over de uitgerolde zoden moet lopen. 
  2. Wanneer je aan het einde van de rij bent, snij je de grasmat door. 
  3. Leg het resterende deel aan het begin van de volgende rij. Leg de rijen naadloos tegen elkaar. Zoden die over elkaar liggen zullen nooit groeien. 
  4. Steek de kanten gelijk af. U werkt de kanten heel eenvoudig bij met een oud broodmes of kleine houtzaag. 
  5. Druk het gazon aan met een tuinwals. 
  6. Voorzie de grasmatten overvloedig van water. De grasmatten mogen niet uitdrogen.